Puppy

Plasdrang van je hond

zindelijk

Lang niet altijd hoge nood

Bij elk begin van een nieuwe basiscursus zijn de pionnen, die ter markering staan, letterlijk de pispaal. Een van de eerste zaken die de honden moeten leren, is dan ook: niet tegen de pionnen plassen. De bazen begrijpen het onmiddellijk: logisch, dat is niet fris. En iedereen laat zich vervolgens naar de eerste beste struik toe trekken. De hond wil immers plassen. En dat is precies de reden waarom we het plassen onder de aandacht brengen. Niet vanwege het bevuilen van de pionnen (er is water en zeep), maar vanwege het verschil tussen moeten en willen.

Moeten plassen

Hierbij wordt de blaas met een forse plas in een keer geleegd, en klaar is kees. Tenzij er sprake is van een medisch probleem, hoeft een volwassen hond in theorie de komende uren niet meer te plassen.

Willen plassen

Hierbij snuffelt de hond veel, plast vaak, maar produceert weinig urine per plas. Hij perst het er als het ware druppelsgewijs uit, verspreid over verschillende plaatsen.

Territoriaal gedrag

Zo vaak (mogelijk) plassen heeft niets met hoge nood te maken, maar is een territoriumkwestie. Hiermee laat de hond andere honden zijn aanwezigheid zien en ruiken. Met het plaatsen van kleine reukvlaggetjes claimt de hond als het ware de rechten op een bepaald gebied.

Dominant gedrag

Territoriaal plassen is een vorm van dominant gedrag. De hond maakt immers duidelijk zijn entree. Een hond die liever niet wil opvallen, laat ook geen breed uitgemeten vlagvertoon zien. Een voor aanvang van de les goed uitgelaten hond moet dus niet nodig, maar heeft gewoon last van territoriumnijd. Reuen hebben dat in de regel vaker dan teven, maar ook een beetje dominante teef kan zich als een echte mannetjesputter laten gelden. Sommige teven laten zelfs een vorm van poot optillen zien. Tijdens het hurken wordt dan de achterpoot geheven. Op dat kleine stukje vierkant waar we lopen, ontstaat dus ineens een enorme plasdrang, als gevolg van dominant gedrag.

Niet toestaan

Er zijn een aantal redenen waarom je beter niet kunt toestaan dat de hond overal en naar believen zijn reukvlag uitzet. Met betrekking tot de lessituatie, is het niet de bedoeling dat de hond zijn eigen doen en laten bepaalt. Je loopt immers cursus omdat je bepaalde grenzen wilt stellen aan het gedrag van de hond. Je wilt niet dat hij aan de lijn trekt, dus leer je hem wat volgen is. Plassen heeft niets met volgen te maken. Op het moment dat de hond plast, onttrekt hij zich aan het volgen. Sta je dat toe, dan beschouwt de hond dat als een vrijbrief en voor je het weet loopt hij gewoon weer zijn eigen zaakjes te regelen. De regels van de baas stellen immers niet veel voor.

Ook met betrekking tot de thuissituatie verandert er dus niet veel. De hond trekt nog steeds, plast waar hij wil, en gedraagt zich dus niet acceptabel ten opzichte van de baas en de omgeving. Bovendien neemt de hond met het plaatsen van een reukvlag een dominant initiatief. Iets dat hij feitelijk aan de baas hoort over te laten. De baas hoort immers de beslissingen te nemen, dus ook waar en wanneer er geplast wordt. Het feit dat de hond dat zelf beslist, maakt dat hij zich dus niet alleen dominant ten opzichte van zijn omgeving gedraagt, maar ook tegenover zijn baas.

Ongecontroleerd plasgedrag

Ongecontroleerd plasgedrag kan tevens leiden tot zwerflust, omdat de hond zijn territorium steeds verder wil uitbreiden, steeds vaker op zichzelf gaat lopen en dus steeds zelfstandiger wordt. Het kan leiden tot onzindelijkheid binnenshuis, omdat de hond ook daar claim op gaat leggen, bijvoorbeeld als er mensen op bezoek zijn met een andere hond. Er zijn zelfs honden bij wie het zover is gekomen dat zij de eigen baas markeren. Al met al reden genoeg om paal en perk te stellen aan het plasgedrag van de hond. Een goede gewoonte die vooral ook voor de hond duidelijkheid schept, is een consequente regelgeving.

Volgen is gewoon volgen, zonder rare fratsen. Uitlaten is snuffelen en doen, waaronder lekker vlaggen. Op het moment dat jij vindt dat het kan, verander je het volgen in uitlaten. Hef het volgen op met bijvoorbeeld "Ga maar!" Daarmee geef je de hond tijdelijk het recht om eigen baas te zijn. Dan mag de hond vrij zijn doen en laten bepalen en markeren dat het een lieve lust is. En daarna neemt de baas het heft weer in eigen handen.

Territoriaal plassen hoort nu eenmaal bij het hond zijn. Als we een hond alles zouden ontzeggen wat hem tot hond maakt, dan kent de stakker straks zijn eigen identiteit niet meer. Vlaggen moet, alleen niet op eigen initiatief. Het moment en de plaats, dat hoort de hond aan de baas over te laten. Daarmee leer je de hond tevens een goede gewoonte aan, namelijk plassen (en poepen) op daartoe geschikte plaatsen. Zo hou je en je hond en je omgeving dik tevreden.

Spelen met je hond

trainen

Spelen is als onderdeel van opvoeding en gehoorzaamheid een oefening op zich. Goed spelen met je hond, daar moet je vaardigheid in krijgen. Door met je hond te spelen maak je hem baasgericht. Daardoor let hij beter op je, reageert hij beter op je, en luistert hij beter naar je. Hoe zet je de hond tot spelen aan, en wat zijn goede spelvormen? Goed spelen met je hond moet je jezelf eigen leren maken. Wanneer je jezelf niet volledig en vol overgave in het spel betrekt, is de lol er gauw af.. De hond verliest de interesse, en richt zijn aandacht op andere zaken. Een goed spelcontact tussen baas en hond is alleen mogelijk wanneer de baas de onverdeelde aandacht heeft. Wanneer je met je hond speelt, trek je dan niets van je omgeving aan. Voel je je beschroomd omdat naar jouw gevoel de hele buurt naar je capriolen loopt te staren, dan kun je nooit écht intens met je hond spelen!

We hebben voor een aantal spelvormen gekozen die wat extra dimensie geven aan de dagelijkse wandeling, en die tevens in belangrijke mate bijdragen aan de aandachtgerichtheid van de hond. Honden zijn het vaak zo gewoon dat ze door de baas in het oog worden gehouden, dat ze niet meer op de baas letten. De hond kan zijn aandacht dus geheel en al op de omgeving richten, erop vertrouwend dat de baas wel volgt. De hond dwaalt eerder af, want wat zou je je als hond druk maken, met een baas die vanzelf wel opdraaft?

Verstoppertje spelen

Een goed spel, waarbij de hond de baas in het oog leert houden, is verstoppertje. In eerste instantie moet de hond daartoe minder aandacht krijgen dan hij is gewend. Dat betekent geen dingen doen die je normaal gesproken doet om hem maar in de buurt te houden (niet roepen, niet wachten, niet achter hem aan gaan).De hond mag niet voorbereid zijn op wat er gaat gebeuren. En dan ineens duik je weg, achter een boom of zo. De hond, die (nog) niet oplet, komt er meestal pas na een paar minuten achter dat hij je mist. Het begin is er. In plaats van dat de baas naar zijn hond op zoek gaat, gaat de hond nu op zoek naar zijn baas.

En dan ineens, spring je vrolijk te voorschijn, vol enthousiasme over de hereniging. De hond, toch lichtelijk ongerust geraakt, wordt aangestoken door je enthousiasme en vindt het eigenlijk wel een spannend spelletje! Hij blijft alvast wat dichter in de buurt, want van die grote verdwijntruc wil hij het zijne wel even weten. De hond toont zich nieuwsgierig voor het doen en laten van de baas en dat is een goed teken. Natuurlijk moet dit spelletje ook weer niet te vaak gebeuren. De truc is om de hond blijvend alert te houden, en dat gebeurt natuurlijk niet als je continue achter bomen wegspringt. Juist op die momenten dat de hond wat te veel eigen initiatief gaat vertonen, pas je het trucje weer even toe.

Breng ook variatie in het spel. Het moet niet voorspelbaar worden. Niet altijd dezelfde plek, dezelfde boom en dezelfde route aanhouden. Soms laat je je vinden en soms spring je zelf te voorschijn, soms ren je de hond tegemoet en soms ren je van hem weg. Is je hond een echte struiner, maar laat je hem ondanks dat toch graag los lopen, dan is deze foef een echte aanrader.

Speurspelletjes

Een ander leuk spelletje, wat tevens aangelijnd kan gebeuren, is een zoekspel. Daarbij laat je een speeltje, wat je omzichtig in je hand "verstopt" hebt zitten - en wat de hond dus al nieuwsgierig maakt (hee, wat heeft de baas daar?) onopvallend in het gras vallen. Vervolgens speur je heel geconcentreerd de grond af, en de hond speurt wel mee (honden zijn razend nieuwsgierig), waarbij je de bodem hier en daar aan een nader onderzoek onderwerpt, je port eens in de aarde, bestudeert een graspol en je moedigt de hond aan te helpen zoeken.

De aandacht is nu gevangen, de hond wil, koste wat het kost, weten waar de baas zo gefixeerd op is. De hond werkt hard mee, al is het alleen maar om de vondst als eerste te bemachtigen. De ene keer vindt je het zelf, de andere keer laat je het de hond als eerste vinden. Honden zijn dol op speur- en zoekspelletjes, want het is tenslotte een neusdier, en het samen speuren schept een band. De baas houdt zich hier echt bezig met groepsgedrag en, van nature een roedeldier, vindt een hond het heerlijk om zich voor een taak gesteld te zien waar gezamenlijk aan gewerkt kan worden.

Ren- en huppelspelletjes

Houden de aandacht ook goed vast, vooral ook weer door het spanningselement. Ineens zet de baas het op een lopen, staat even plotseling weer stil, loopt dan ineens achteruit, maakt een snelle wending, etc. Wel even opletten of het bij de hond niet al te veel opwinding veroorzaakt. Bij het zien van zoveel bewegingsactiviteit kunnen sommige honden hun enthousiasme niet binnen de perken houden en happen naar de handen, hangen in een mouw of springen hard tegen de baas aan.

Apporteren

Een weggegooid speeltje wil de hond meestal wel achterna rennen. Hij wil het ook nog wel pakken, maar terugbrengen, ho maar. Daarmee trekt de hond de spelregels naar zich toe. Hij gaat er met het speeltje vandoor en geeft de baas het nakijken. En misschien toont de hond helemaal geen interesse. Tot het moment waarop de baas het dan maar zelf gaat ophalen. Dan komt de hond in actie. Gauw weggrissen, voordat de baas het pakt, en een eindje verderop gaan staan blaffen, vragend om herhaling van dat geinige moment. Want wat is er nou leuker dan om de baas voor je te laten draven? Het is niet eenvoudig om een hond te leren apporteren. Onbedoeld en onbewust kunnen we er verkeerd gedrag mee aanleren, zoals bovenstaande voorbeelden.

Aan de andere kant schept het apporteerspel (mits goed aangeleerd) een legio aan gewenst gedrag: het versterkt de band met je hond, je conditioneert de hond op het komen, en het voorkomt het optreden van ongewenst gedrag. Immers, het spel eist alle aandacht op, zodat andere honden (dominant gedrag), fietsers (najagen), wandelaars (opspringen), en wat al niet meer waar een hond afleiding in vindt, worden vergeten.
Bij het leren apporteren dien je de aandacht te vestigen op een voorwerp. Daartoe houdt de baas een speeltje in zijn of haar eigendom. Het speeltje is dus jouw eigendom, de hond mag er nooit alleen mee spelen. Stop het speeltje steeds in dezelfde zak en leg het thuis steeds weg op dezelfde plaats. De aantrekkingskracht van het speeltje wordt groter als het in bezit van een ander is.

Met behulp van het speeltje hou je de aandacht van de hond vast. Daartoe haal je het zo nu en dan te voorschijn. De bedoeling is dat de nieuwsgierigheid van de hond wordt geprikkeld. Een beetje friemelen, een beetje geheimzinnig doen, de hond heel even eraan laten snuffelen, en het speeltje wordt weer opgeborgen, dus op het hoogtepunt van de aandacht. De volgende stap is beweeglijkheid geven aan het speeltje. Daartoe gooi je het in de lucht, vang het op, gooi het van de ene in de andere hand over, kortom, de interactie tussen baas en speeltje moet vooral levendig zijn! Ook hier geldt: op tijd stoppen, dus op een moment dat de hond nog vol aandacht is.

Interesse wekken

Is de interesse eenmaal onvoorwaardelijk gewekt, dan wordt de hond uitgenodigd om aan het spel deel te nemen. Daartoe mag de hond het speeltje even vastpakken, maar nog niet veroveren (je houdt het speeltje dus vast). Tevens ga je de hond trainen op het commando "los". Daartoe hou je je hand stil (dus niet trekken aan het speeltje!). Hou met je andere hand een brokje voor zijn neus en probeer dat te ruilen met het speeltje. Op het moment dat de hond loslaat, geef je het commando los. Trapt de hond niet in het ruilhandeltje, probeer dan iets echt lekkers, bijvoorbeeld een stukje kaas. Laat de hond dan nog niet los, ga dan niet sjorren, maar probeer de situatie te negeren.

Wel vasthouden natuurlijk, maar besteed geen enkele aandacht aan de hond. Als de competitie wegvalt, dan is het lolletje er snel van af. Een laatste optie (voor de echte vasthouders) is met de vingers van je vrije hand dwang uitoefenen (rustig en beheerst) op de wangen. Het spelletje moet leuk blijven. Probeer je met grof geweld het speeltje uit zijn kaken te wrikken, dan wil de hond nooit meer spelen op die manier, of hij speelt alleen nog om te winnen (trekken over en weer geeft competitie!)

Apporteerlust

Is de hond min of meer speeltjesgek gemaakt, dan begint eindelijk het echte werk. Om controle over het spel te houden (voorkomen dat de hond er met het speeltje vandoor gaat) begin je in eerste instantie altijd aangelijnd. Hond aan een lange lijn, speeltje spelen, en de hond mag dit keer het speeltje veroveren (de baas staat het speeltje af). Roep de hond (vrolijk!) naar je toe (eventueel rustig aan de lijn binnenhalen), commando los, belonen! Spelletje herhalen. Nooit te lang achtereen. Twee, drie keer, en dan is het spel over ("genoeg!").Besluit elk spel-einde met wat lekkers (voerbeloning). Laat de hond het speeltje vallen, moedig hem dan 1x aan het speeltje op te pakken en alsnog te brengen. Weigert de hond, stop dan meteen met spelen. Pak het speeltje, en voor je het opbergt, vestig je er de aandacht op door er zelf nog even mee te spelen, waarbij het belangrijk is dat je de hond negeert. Daardoor voelt de hond zich buiten spel gezet. Zo leert hij het spel volgens de regels van de baas te spelen. De baas heeft hem niet nodig om te spelen, maar de hond wel de baas! De afstand bouw je vervolgens uit door het speeltje een eindje van je af te gooien, en de hond het op een vrolijk commando, bijvoorbeeld "pak maar!" te laten halen.

Pas als het apporteren er aan de lange lijn goed inzit, kun je het zonder lijn gaan proberen, en daarbij gooi je het speeltje steeds een stukje verder weg. Het officiële commando is overigens "apport!". Welk commando je gebruikt maakt in wezen niet uit, zolang je maar altijd hetzelfde woord gebruikt. Nog een laatste trucje: wat voor spel je ook doet met je hond, beëindig het altijd eerder dan de hond. Dat wil zeggen: stop op een moment dat de hond het spelletje nog leuk vindt. Zo zal hij er de volgende keer weer met plezier naar uitkijken. Zo hou je je hond alert, enthousiast en vooral baasgericht!

Het kiezen van een hondenschool

trainen

Er zijn veel hondenscholen waar je terecht kunt voor verschillende cursussen. Als je interesse hebt in een puppycursus, dan is er vast wel een hondenschool bij je in de buurt te vinden. Je hond ontmoet op een hondenschool verschillende soorten honden en een cursus helpt je met de opvoeding. Voordat je een pup in huis neemt kun je alvast oriënteren bij de verschillende aanbieders van cursussen. Soms zijn er wachtlijsten, dan is tijdig inschrijven natuurlijk belangrijk. Elke hondenschool heeft zijn eigen lesmethodes. Welke hondenschool je kiest, zal dan ook afhankelijk zijn van de lesmethode die jou aanspreekt.

Een goede hondenschool

Bij de meeste hondenscholen mag je vooraf een keertje komen kijken. Je maakt dan kennis met de instructeur en je kunt zien hoe het er in een les aan toe gaat. Als er gebruik gemaakt wordt van de positieve lesmethode, dan zal belonen een grote rol spelen. Sommige hondenscholen gebruiken de clicker. Afhankelijk van wat je zelf het prettigst vindt kies je een hondenschool met de lesmethode, welke dicht bij jouw eigen opvoedmethode ligt. De locatie van een hondenschool is ook belangrijk. Een puppycursus dichtbij is handig aangezien je er elke week naar toe moet.

Leven na de puppycursus

Je kunt alleen een puppycursus volgen maar ook vervolgcursussen volgen. Je zet dan de cursus voort en volgt de cursus voor jong volwassen honden. Mits deze natuurlijk gegeven wordt op de hondenschool die je voor ogen hebt. Tijdens een puppycursus draait alles om de socialisatie van je hond en het aanleren van basisvaardigheden. Een vervolgcursus kan een leidraad zijn voor de puberfase waar je hond tussen de zes en twaalf maanden in terecht komt.

Je hond luistert dan ineens slechter en zoekt de grenzen op. Opvoeden begint dan pas echt. Een vervolgcursus is dan geen overbodige luxe.

Het kopen van een puppy

puppy

De knoop is doorgehakt, er komt een hond in huis. Je kunt kiezen voor een hond uit het asiel of je gaat op zoek naar een fokker, waar een nest pasgeboren pups aangeboden wordt. Als je op zoekt naar een puppy bij een fokker dan zijn er een aantal dingen waar je op kunt letten om zo zeker te weten dat je bij een goede fokker een puppy koopt. Alvorens je bij een fokker gaat kijken, is het raadzaam om je te verdiepen in het hondenras. Niet elk hondenras zal namelijk goed bij je gezinssituatie passen.

Bij de fokker

Wanneer je bij de fokker op bezoekt gaat om naar de puppy te kijken kun je gelijk zien of de moederhond aanwezig is en of het nest schoon is. Dit zal bij een goede fokker altijd het geval zijn. De moederhond is belangrijk voor de puppy. Zij zal de pup leren hoe hij zich moet gedragen. Als het nest in huis staat dan is je puppy al gewend aan een huiselijke omgeving. De geluiden en het bezoek, daar zou hij dan niet meer van moeten schrikken. Een sociale, vriendelijke pup komt gelijk naar je toe. Dit is een goed teken.

De formaliteiten

Na zeven weken mag een puppy het nest verlaten, al zal een goede fokker aanraden om de puppy nog een weekje langer te laten blijven. Een goede fokker kijkt altijd naar de ontwikkeling van het nest zelf. Voordat je de pup mee mag nemen is hij al voor de eerste keer ingeënt en ontwormd. In het paspoort kun je zien wanneer dit gebeurd is. Rashonden worden bij de fokker gechipt.

Alle rashonden worden geregistreerd bij de Raad van Beheer. Hier krijg je ook papieren van mee zodat je de hond op jouw naam kunt registreren.

Het vaccineren van honden

vaccineren

Als je een hond hebt ontkom je er niet aan. Elk jaar dient je hond gevaccineerd te worden. Wanneer je een pup hebt, nog veel vaker zelfs. Voordat je een pup aanschaft is het goed om bij deze kosten stil te staan. Vaccinaties worden niet vergoed door dierenverzekeringen. De eerste inenting van een puppy bij zes weken wordt altijd gedaan door de fokker. Hij wordt dan ingeënt tegen Parvo en het hondenziektevirus. Na ongeveer zeven of acht weken mag je een pup pas mee naar huis nemen. Met negen weken vindt de tweede vaccinatie plaats.

Vaccinatieschema

Alle vaccinaties worden vermeld in het dierenpaspoort. Dit is belangrijk wanneer je naar het buitenland gaat of wanneer de hond naar een kennel gaat. De tweede vaccinatie bestaat uit antistoffen tegen Parvo, de ziekte van Weil en eventueel tegen kennelhoest. Het vaccineren tegen kennelhoest is alleen noodzakelijk wanneer je met de pup naar puppycursus gaat of wanneer je hond naar een pension of kennel gaat. De derde vaccinatie, met twaalf weken, beschermt de hond tegen de hondenziekte Parvo, de ziekte van Weil en de besmettelijke leverziekte. Wederom kunnen druppels gegeven worden tegen kennelhoest. Als de pup een jaar oud is krijgt het dezelfde inentingen.

Herhalingsvaccinaties

Bij sommige vaccinaties bieden de antistoffen wel tot drie jaar lang bescherming. Het is dus niet nodig om elk jaar je hond tegen alles te vaccineren. Wanneer je hond met een jaar alle vaccinaties heeft gehad, krijgt hij in zijn tweede en derde levensjaar alleen nog maar een herhaalvaccinatie voor de ziekte van Weil en eventueel kennelhoest. Met vier jaar krijgt hij weer alle inentingen. Er zijn dus tussenpozen van twee jaar.

Wanneer je naar het buitenland op vakantie gaat moet je de hond tenminste 3 weken voor vertrek verplicht laten vaccineren tegen hondsdolheid.

Loopsheid: wat moet je weten?

smart-dog

1. Wat is loopsheid?
Loopsheid is beter gezegd de oestrische cyclus. Tijdens deze cyclus kunnen teefjes zwanger raken. Het is gelijk aan de menselijke menstruatie.

2. Wat zijn de symptomen?
Teven bloeden uit de vagina en moeten vaker plassen. Verwacht niet dat het bloeden te vergelijken is met een menselijke vrouw. Voor kleine honden is het meestal niet veel en het kan nodig zijn om veel aandacht te besteden aan de pup om haar eerste cyclus te identificeren. Misschien wel het meest opvallende symptoom zijn rondhangende reutjes rondom je teefje.

3. Wanneer is een hond loops?
Het gemiddelde teefje heeft haar eerste cyclus bij ongeveer zes maanden oud. Sommige honden beginnen eerder en sommige later. Als je een nieuw teefje hebt moet je haar in de gaten houden en er op letten wanneer ze haar eerste cyclus heeft. Als ze 14 maanden oud is en nog steeds niet loops is geweest moet je de dierenarts inschakelen.

4. Hoe lang duurt de loopsheid?
Het gemiddelde is drie weken.. Bij sommige honden duurt het slechts twee weken, terwijl het bij anderen wel tot vier weken duurt.

5. Hoe vaak zal ze loops zijn?
De meeste teefjes hebben een regelmatige cyclus meestal om de zes tot acht maanden. Het is heel typisch dat ze twee keer per jaar loops zijn.

6. Wanneer kan ze zwanger worden?
Ze kan alleen zwanger worden wanneer ze loops zijn. Sommige fokkers testen voor progesteron niveaus voor identificatie van de meest vruchtbare dagen, maar meestal zijn dat de meest vruchtbare dagen (dag 11 tot 15 van haar cyclus).

Let op – als ze loops is zal het teefje vaak reutjes toelaten om haar te dekken. Er zijn maar weinig teven die het accepteren als ze niet loops zijn.

7. Kan ze zwanger raken in haar eerste cyclus?
Ja. Maar verantwoordelijke fokkers zullen over het algemeen een hond niet zo vroeg laten fokken. Om te beginnen moet je genetische testen laten doen. Een aantal ernstige problemen zoals heupproblemen zul je namelijk niet zien totdat een hond ongeveer 2 jaar oud is.

8. Kan ik met haar wandelen tijdens deze cyclus?
Ja, met voorzichtigheid. Ze heeft geen problemen met bewegen maar ze is een wandelende magneet voor reuen.

Zelfs de best getrainde en goed opgevoede teef zal bezwijken door de hormonen. Laat haar nooit naar buiten in haar eentje, zelfs in een tuin met een hek of schutting of als er de kans is dat er reuen in de buurt zijn. Neem haar bijvoorbeeld mee voor een wandeling in het bos en rijd weer terug naar huis. Anders zal de geur van haar urine en vaginale afscheiding een pad maken naar je woning.

9. Wanneer mag ik haar steriliseren?
Het antwoord op dat is in 25 jaar veel veranderend. Mensen worden verteld om hun hond door ten minste een cyclus te laten gaan.

Vandaag de dag doen dierenartsen het veel eerder. Sommige dierenartsen steriliseren zo vroeg als 6-weken oud! Praat met de dierenarts over je hond en de dierenarts z’n voorkeuren. De staat van de diergeneeskunde is ook veel verbeterd in de afgelopen 25 jaar.

10. Als ik haar niet laat steriliseren, zal ze in de menopauze gaan?
Nee, haar vruchtbaarheid kan weigeren, maar ze zal niet in de menopauze gaan net als een mens. Ze zal haar vermogen om zwanger te worden niet verliezen.

Blaffende honden

vuurwerk

Enkele redenen waarom honden blaffen zijn; contact maken, schreeuw om aandacht of het geven van een waarschuwing. Echter, zodra de hond jouw aandacht heeft moet hij zich realiseren dat zijn werk klaar is. Dus geef een commando van lof, zoals “braaf” en geef de hond een klopje om aan te geven dat hij nu stil moet zijn.

Hysterisch blaffende honden die blaffen tijdens onweer kunnen worden behandeld met geruststelling, gezelschap, afleiding of als al het andere faalt door kalmerende middelen van de dierenarts. Blaffen bij een vreemd object kan snel worden gestopt door te laten zien hem dat er niets te vrezen valt.

Wat kun je er tegen doen

Blaffende honden die blaffen uit verveling of om aandacht te trekken zijn het beste te behandelden door de oorzaak weg te nemen. Als de hond veel aandacht en beweging geeft, dan verdien jij ook rustig gedrag voor de rest van de tijd. Hondentraining is een groot indirect voordeel als gevolg van de zelfdiscipline die wordt opgelegd en de mentale en fysieke activiteit die het biedt. Piepen, blaffen of janken wanneer ze alleen worden gelaten mag niet getolereerd worden. Het is gemakkelijker om dit af te leren bij een puppy dan bij een volwassen hond. Maar zelfs eenzame blaffende honden kunnen worden genezen in een middag of avond met wat geduld en wat acteertalent.

Je moet doen alsof je de hond alleen gaat laten, hem vertellen om “het huis te beschermen”, en dat je “snel terug” zal zijn. Zodra de hond begint te blaffen of janken, moet je hem duidelijk maken dat dit niet de bedoeling is door terug te gaan en hem terecht te zetten. Wanneer de hond jouw ontevredenheid heeft begrepen moet je hem vergeven en niet te lang in woede blijven hangen. Wees geduldig en hoop er het beste van. Als de hond niet heeft geblaft binnen 5 of 10 minuten kunt je er bijna zeker van zijn dat hij zijn lesje heeft geleerd. Maar als hij doorgaat met blaffen moet je het hele scenario opnieuw doen en herhaal dit zo vaak als nodig is.

Als laatste: blijf weg voor een korte tijd, keer terug en geef hem een liefdevolle begroeting wanneer hij niet heeft aangeslagen. Beloon de hond met iets lekkers of een frisse wandeling. Een simpele truc om de hond te laten stoppen met blaffen van vreugde als je thuis komt midden in de nacht is om hem zijn bal of zijn favoriete speeltje te geven. Waarom? Hij kan met iets in zijn mond niet blaffen.

Hond zindelijk maken

zindelijk

Het voelt goed om te zien dat je hond goed is getraind, maar dit kan alleen worden bereikt met een behoorlijke hoeveelheid doorzettingsvermogen en geduld. Hoewel honden eigenlijk zeer schone dieren zijn kunnen hun dierlijke instincten ertoe leiden dat ze zich ontlasten waar ze het handig vinden. Dit kan erg frustrerend zijn voor de eigenaar van de hond, en we weten hoe vervelend het is als vloeren en tapijten worden bevuilt wanneer je het minst verwacht. Met een goede hondentraining kunt je je hond zindelijk maken. Hieronder staan ​​een paar tips dat je zal helpen met het zindelijk maken van je hond.

Doorzettingsvermogen

Het is belangrijk om te weten dat hoe jonger de pup, hoe langer het kan duren met de hond zindelijk maken en hem de gewoontes te leren. Daarom is het belangrijk om geduldig te zijn, want met een behoorlijke hoeveelheid doorzettingsvermogen zal je hond geleidelijk de regels en de wc gewoontes leren wanneer je ze traint op een dagelijkse basis. Vergeet niet dat elke hond zijn eigen individuele leercurve heeft. Dus de hond straffen elke keer als hij een fout maakt is niet een goed plan om het probleem op te lossen.

Gewoontes uitschakelen

Veel dieren behavioristen zijn van mening dat de hond in een gewoonte modus krijgen de sleutel tot de hond zindelijk maken is. Het is daarom aan te bevelen dat de eigenaar de hond om de paar uur en 30 minuten nadat hij zijn maaltijd heeft gegeten uitlaat. Kies een specifieke plek buiten waar je de hond zou nemen op een dagelijkse basis. Laat de hond ook af en toe weten dat hij het goed heeft gedaan wanneer hij goed gehoorzaamt. Als hij echter weigert om naar buiten te gaan, probeer het nog eens na ongeveer 15 minuten. Geleidelijk aan zal hij begrijpen dat het naar buiten gaan een teken is van behoeften doen. Besteed ook aandacht aan de lichaamstaal van de hond. Als hij begint te snuffelen of rond cirkel loopt betekent dat ze nodig hun behoeften moeten doen. Selecteer een aangewezen plek elke keer als je merkt dat de hond nodig z’n behoeften moet doen en breng hem telkens weer naar die plek.

Ongelukje, kan gebeuren

Zoals hierboven genoemd; met een hond zindelijk maken heeft elke hond heeft zijn eigen leercurve. Deze leercurve wordt sterk beïnvloed door de reactie van de eigenaar bij ongelukjes van de hond. Elke keer als de hond signalen laten zien dat hij zijn behoeften moet doen, roep zijn naam of klap om hem af te leiden. Constante controle op zijn activiteiten zal je helpen om de hond z’n gedragspatronen te bepalen. Zorg ervoor dat je niet je woede of frustratie op de hond afreageert als hij een ongelukje heeft. Ruim de ontlasting zorgvuldig op en en negeer de hond volledig terwijl je dat aan het doen bent. Als hij probeert dichtbij te komen zorg je ervoor dat je niet gaat schreeuwen. Gewoon negeren is de beste remedie., je moet de hond trainen en niet angst bij hem inbrengen.

Verklein de ruimtes

Vaak is het beperken van ruimtes in huis de beste benadering om een hond zindelijk maken. Grote kratten of kooien worden gebruikt om de hond z’n ruimte te beperken. Een hond zal zijn behoeften meestal niet op de plaats waar hij slaapt of zit doen want het zijn sanitaire wezens. Dus wanneer moeder natuur roept zal een hond instinctief uit de kooi of mand gaan om hun behoeften te doen. Dit zou geleidelijk een vorm van gewoonte voor hem geworden. Het is echter belangrijk ervoor te zorgen dat je kratten en kooien van grote afmetingen hebt om de hond z’n ruimte te beperken zodat hij voldoende ruimte heeft om te bewegen. Dit helpt bij het creëren van een patroon dat de hond ook zal volgen nadat hij niet langer beperkt is tot een krat of kooi.

Herhalen

Als baasje zou je een bepaalde reeks woorden herhaaldelijk moeten gebruiken tegen de hond tot hij precies begrijpt wat het voor een teken is. Dus bijvoorbeeld, als je hem naar buiten neemt zou je kunnen zeggen “Plasje”. Honden hebben een scherp oor en een scherpe leercurve. Ze zouden langzamerhand begrijpen wat de eigenaar er precies mee bedoelt. Het gebruik van deze opdrachten op een regelmatige basis is belangrijk zodat de hond vertrouwd raakt met deze opdrachten en ze uiteindelijk zal gaan volgen. Succes!

Zes hondenspeeltjes die jouw hond moet hebben!

beagle-pup

Heb jij een nieuwe hond? Of zijn je huidige hondenspeeltjes kapot? Dan is het hoog tijd voor een aantal nieuwe hondenspeeltjes. Met deze acht hondenspeeltjes maak jij jouw hond het gelukkigst.

1. Rubberen bal

Het is een klassieker, omdat vrijwel iedere hond ervan houdt. De rubberen bal is ideaal om te gebruiken voor het apporteren, maar wordt ook als kauwspeelgoed gebruikt. De rubberen bal van Chuckit is gemaakt van natuurrubber, waardoor er geen vreemde chemicaliën inzitten. Ook is een rubberen bal erg duurzaam. De rubberen bal stuitert hoog, is te gebruiken in het water én is snel schoon te maken. Dit hondenspeeltje echte aanwinst om te hebben.

2. Hondenzwembad

Met de zomer om de hoek moet je natuurlijk wel een manier hebben om je hond te laten afkoelen. Daarom raden wij je aan om een hondenzwembadje aan te schaffen. Hondenzwembaden zijn vaak in verschillende maten beschikbaar, zodat zowel kleine en grote honden verkoeling kunnen vinden. Je kiest voor een gemakkelijk op te zetten zwembad met anti-slipbodem zoals die van Adori en jouw hond zit binnen de kortste keren lekker in het water.

3. Intelligentiespeeltje

Heeft jouw hond meer mentale stimulatie nodig? Met een intelligentiespeeltje zorg je dat jouw hond zich nooit verveelt. Daarnaast belonen dergelijke hondenspeeltjes de nieuwsgierigheid van je hond. Een voorbeeld van een intelligentiespeeltje is de Bone Slots Hondenpuzzel van iQuties. Je verstopt een hondenkoekje in een van de tien verstopplaatsen en geeft je hond een uitdaging. Een speeltje voor echte speurneuzen.

4. Kauwspeelgoed

Je geeft je hond een hondenkoekje, hij heeft hem binnen een paar seconden op en kijkt je direct weer aan met een nieuwsgierige blik: ‘mag ik er nog één?’ Vele hondeneigenaren zullen zich hierin herkennen. Met een kauwbaar hondenspeeltje met daarin een beloning is jouw hond wel even zoet. Stop er lekkers in zoals een hondenkoekje, pindakaas of gewone hondenbrokken.

5. Snuffelmat

Een snuffelmat is ideaal voor kleine én grote honden. Het idee is simpel, je verstopt een aantal hondenkoekjes in de stroken van de mat en de hond gebruikt zijn neus om de koekjes op te speuren. De moeilijkheid van het ‘spel’ bepaal je zelf, verstop je de koekjes diep in de mat of leg je ze bovenaan? De snuffelmat is daarnaast erg goed te gebruiken om je hond af te leiden van stressvolle momenten.

6. Werpstick

Als je zelf niet heel actief bent kan voor je hond lastig zijn om voldoende beweging te krijgen. Met een werpstick kan je op één plek blijven staan, terwijl jouw hond heen en weer rent. Je gooit gemakkelijk een tennisbal ver weg, waarna je hond hem weer terug komt brengen. Zo gaat hij zich niet vervelen en kan hij snel veel energie kwijt. Daarnaast is het natuurlijk leuk om samen te doen.

Het hondenspeeltje voor jouw hond

Welk hondenspeeltje het beste is voor jouw hond, kan je alleen bepalen door het uit te testen. Koop daarom een variatie aan speeltjes en kijk waar jouw hond het beste op reageert.

Onzindelijkheid bij honden

zindelijk

Bij een pup hoort onzindelijkheid erbij en het is iets wat je voor lief neemt, omdat je weet dat het een fase is. Wanneer een oudere hond onzindelijk is vormt dit vaak een probleem. Het is hinderlijk, onhygiënisch en je vraagt je vast af waarom de hond zijn behoefte in huis doet. Er zijn verschillende redenen waarom een hond onzindelijk kan zijn. Dit kan medische redenen zijn, zoals een blaasontsteking. Maar vaker zijn gedragsproblemen de oorzaak van onzindelijkheid en kun je door trainen er iets aan doen om het ongewenste gedrag af te leren.

Verschillende soorten onzindelijkheid

Een hond met kennelonzindelijkheid zal zijn eigen hok bevuilen. Van nature zal een hond zijn eigen nest niet bevuilen, maar wanneer een hond lang opgesloten zit in een kennel of hok heeft hij geen keus. Hij zal een keer zijn behoefte moeten doen. Kennelonzindelijkheid komt voor bij langdurige opsluiting en is moeilijk af te leren. Een onderdanigheidsplasje komt veelal bij onderdanige honden voor. De hond doet een plasje om de ander kalm te stemmen. Wanneer hij een persoon bedreigend vindt gaat de hond plassen. Door het consequent te negeren, stopt dit gedrag vanzelf. De hond niet laten begroeten, helpt ook.

Markeergedrag en stress

Reuen kunnen binnen plassen om hun territorium af te bakenen. Dit gebeurt wanneer de hond onzeker is over de rangorde binnen het gezin of wanneer vreemde honden in huis zijn geweest. Een castratie kan helpen, maar belangrijker nog is het opstellen van duidelijke regels. Als de hond zijn plaats binnen het gezin weet heeft hij geen reden meer om te hoeven markeren. Een plasje uit stress kan voorkomen bij honden die niet alleen kunnen zijn.

Het opbouwen van het alleen zijn, door training, kan dit probleem verhelpen. Laat de hond wel altijd even controleren om medische aandoeningen.